Dagboek Petra Top, 8 april 2008
8 april 2008
Pas tien maanden geleden dacht ik nog: als ik Petra Rijkelijkhuizen toch eens aan de telefoon zou kunnen krijgen. Als zij toch eens serieus naar mijn werk zou willen kijken, naar het eerste deel van mijn borstkankermanuscript dat al vanaf november 2005 ten kantore van Archipel ligt. Halverwege 2006 verhuisde ik van België terug naar Nederland. Ik had nog steeds niets gehoord en stuurde een verhuisbericht. Je wist maar nooit. Ik hoorde weer niets, maar ging door met schrijven met als enige toets af en toe wat prijzen die ik in schrijfwedstrijden won. Zoals bij Nightwriters, waar ik in december 2006 de ‘5 minutes of fame’ in de wacht sleepte. Ik mocht – met een berg rustgevende pillen in mijn systeem - mijn verhaal voorlezen in Panama, Amsterdam, onder het toeziend oog van Kluun, Joost Zwagerman en Susan Smit en een driehonderdkoppig publiek.
In mei vorig jaar werd ik opnieuw uitgenodigd en mocht vanuit de zaal een Nightwriters-avond mee te maken. Ineens had ik gereserveerde plaatsen vlak naast Maarten Spanjer en achter Kluun, die me nog herkende van de vorige keer. Na vijf keer van mijn startblok te zijn gevallen, stelde ik hem uiteindelijk toch de vraag die me zo op het hart lag: ‘Heb je voor mij een tip waardoor ik bij een uitgeverij kan binnenkomen?’ ‘Je manuscript opsturen,’ was zijn advies. ‘Dat ligt er al lang,’ antwoordde ik moedeloos. Hij dacht even na en toen kwam de voormalig marketingman met een lumineus idee: ‘Je moet ze bellen en zeggen dat wij – dus ik, Joost Zwagerman en Susan Smit – jou goed genoeg vonden om je bij ons te laten optreden.’
Ik verzamelde een paar dagen moed, draaide het nummer van Archipel en vroeg om een redacteur non-fictie. Tegen haar herhaalde ik Kluun’s woorden en hun deur ging voor me open. Lachend zei ze: ‘Oké, nu heb je m’n aandacht.’ Op haar verzoek stuurde ik mijn werk nogmaals toe. Ik werd uitgenodigd op de Herengracht. Nu ligt hun zomerprospectus klaar. Mijn naam staat erin, vergezeld van mijn foto, de omslag en een verhaaltje waarover ‘De amazone’ gaat. Mijn debuut, dat eind september verschijnen zal. Hoe onwerkelijk allemaal. Alles is al klaar, behalve de inhoud. Er moet nog wel een boek in, roep ik steeds lachend. Wat zit ik hier m’n tijd te verdoen dan? Ik ga maar weer snel aan het werk. O ja, en Kluun krijgt nog een hele dikke zoen.